Het verhaal

De Munt is een begrip in Utrecht. Het gebouw, met zijn deels openbare en gedeeltelijk sterk beveiligde gebruik van De Koninklijke Nederlandse Munt N.V. (KNM N.V.) staat op een prominente locatie in het hart van de stad Utrecht. De Munt kent een rijke historie en een unieke functie welke al eeuwen verbonden is aan de stad.

De stad Utrecht liet haar eigen munten pas voor het eerst slaan aan het einde van de tiende eeuw. In 953 kregen de bisschoppen het muntrecht. Op de munten stonden de bisschoppen weergegeven. De plek waar het munthuis zou moeten hebben gestaan is niet bekend. Ook zijn er nergens sporen terug te vinden van het munthuis. In 1528 kwam er een einde aan het muntrecht van de bisschoppen. Het munthuis werd gesloten en het muntrecht ging naar keizer Karel V.

De provinciale Munt

In 1567 kwam er een nieuw munthuis in Utrecht. In deze tijd had Philips II het muntrecht. Het munthuis bevond zich eerst aan de Oudegracht. Het huis aan de Oudegracht zal naar alle waarschijnlijkheid niet groot zijn geweest, omdat men alles nog met de hand deed. In 1585 verhuisde het munthuis naar de Sacksteeg of Muntsteeg. Het vervaardigen van munten voor alleen de eigen stad werd afgeschaft, de Landsheerlijke Munt werd de Provinciale Munt. Het munthuis aan de Muntsteeg bleef bestaan.

De Koninklijke Munt

Rond het jaartal 1647 is de provinciale munt verhuisd naar het St. Ceciliaklooster. Waarschijnlijk heeft deze verhuizing plaatsgevonden vanwege ruimtegebrek. Dit klooster lag aan de Oudegracht en de Neude. Dit munthuis zou daar tot 1910 gevestigd blijven. In 1806 werd Nederland een Koninkrijk en werd er gesproken over een nationale munt. De provinciale munthuizen werden opgeheven, maar het munthuis in Utrecht kreeg het predikaat 'Koninklijke'.

De nationale Munt

In 1837 vond men het munthuis te oud voor verbouwingen. Het stadsbestuur stelde voor om een nieuwe locatie te zoeken. Dit ging niet door, maar er werd wel nog een perceel gekocht aan de Oudegracht. Ook werden er nieuwe machines aangeschaft. Al deze uitbreidingen kwamen hoofdzakelijk door de invoer van een nationale munt, maar ook door allerlei nieuwe ontwikkelingen in het productieproces.

Het nieuwe Muntgebouw

Het nieuwe muntgebouw werd op de plaats gebouwd waar eerst de Utrechtse beetwortel- en suikerfabriek stond. Dat was aan de Leidseweg, waar het Merwedekanaal en de Leidse Rijn elkaar kruisen. De locatie was buiten het centrum, maar lag aan de gunstige vaarroute naar Amsterdam. In 1908 verleende de minister van Financiƫn zijn toestemming aan de plannen van C.H. Peters voor het nieuwe muntgebouw.

De Munt als museum

De Munt is zorgvuldig gerestaureerd tussen 2005 en 2007. Naast de functie voor de KNM is destijds een deel van het gebouw ingericht als Geldmuseum. Dit museum is echter in 2014 gesloten voor het publiek, waarna dit deel van het gebouw in gebruik is genomen als event- en conferentiecentrum. De verbouwing heeft geresulteerd in een monument dat in goede staat verkeert. De Munt is voor de stad Utrecht van algemeen belang vanwege de cultuurhistorische waarde van zijn bestemming en de architectuurhistorische waarde als goed voorbeeld van een gebouw in Neoclassicistische stijl en is tevens een belangrijk onderdeel van het oeuvre van rijksbouwmeester C.H. Peters.